|
Bespanning direct op polystyreen Wie kent het niet: beschadigingen aan de vleugelneus van je mooie elapor (o.i.d) model. Kleine oneffenheden in het veld en ook buitenlandingen kunnen dit al veroorzaken. De vleugeltips die op zeker moment toch als eerste de grond raken zijn hiervoor erg gevoelig. Vooral “wildvliegers” kennen dat. Ben je op vakantie en zie je een mooi veldje met mogelijk veel thermiek, dan ga je toch even vliegen. Het veld is natuurlijk niet mooi vlak gemaaid en bij de landing ontstaan er kleine beschadigingen aan de vleugelneus die er op den duur nogal pokdalig uitziet en daarmee ook de vliegprestaties verslechtert. Hoe kun je deze schade beperken? De oplossing is eigenlijk heel eenvoudig: plak voorop de vleugelneus een dunne koolstof staaf en plak dit af met Leukosilk. 1. Schuur de vleugelneus een beetje vlak, verwijder in elk geval het braampje als dat er op zit. 2. Kies een koolstof staafje van 1 à 1,5 mm. Deze maat is afhankelijk van de profieldikte en de ronding van de neus. De lengte is afhankelijk van de tipronding en de elasticiteit van het koolstof staafje. 3. Bevestig dit met stukjes tape op de vleugelneus op gelijkmatige afstanden met een onderlinge afstand van ca. 50 mm. En druk alles goed vast. 4. Laat tussen de open stukjes dunne secondenlijm lopen (wees hiermee spaarzaam en gebruik een beschermende handschoen). Herhaal dit ook aan de andere kant. 5. Laat het geheel goed uitharden omdat er door de buiging, zeker aan de vleugeltip, wel enige spanning op staat. 6. Verwijder de plakstrookjes en breng ook hier weer secondenlijm aan. 7. Als de ronding van de vleugeltip klein is lukt het niet om het koolstofstaafje hier overheen te buigen. Vervang het dan door een stukje metaal draad en plak dit ook op dezelfde wijze vast. 8. Als alles goed is uitgehard wordt het geheel met tape afgeplakt. Hiervoor is Leukosilk zeer geschikt omdat het dun en plooibaars is.
Ervaringen geven de indruk dat hiermee de vliegprestaties nog oetsje worden verbeterd, zeker ten opzichte van een beschadigde neus. Bespanning direct op polystyreen Soms is het gewenst om bespanning direct op polystyreen aan te brengen. Om de oppervlakte glad te houden is het een goede methode om de te bespannen vlakken eerst met een strijkijzer op lage temperatuur te behandelen. Hierdoor worden kleine polystyreen deeltjes en oneffenheden die door het schuren zijn vrijgekomen weer op hun plaats gesmolten. De temperatuur van de strijkijzer moet zo laag mogelijk worden gehouden opdat het basis materiaal zelf niet smelt. Deze voorbewerking heeft als voordeel dat de bespanning beter hecht en het oppervlak gladder wordt. Arcel is een gemodificeerd polystyreen waardoor het beter bestand is tegen oplosmiddelen. Dit heeft echter het nadeel dat gangbare lijmsoorten niet zo goed aan het oppervlak hechten. Het aanbrengen van de fraaie transfers op het Arcel materiaal blijkt daarom soms moeizaam te verlopen. De lijm waarmee deze zijn voorzien blijkt niet goed aan Arcel te willen hechten. Bij het bouwen van de lichte styropor modellen wordt je soms geconfronteerd met problemen waarvoor je de oplossingen uit de traditionele balsabouw niet kunt gebruiken. Meestal leggen de bekende oplossingen letterlijk te veel gewicht in de schaal. Zo werd ik bij de bouw van de Robbe Concorde (zie Modelbouw actueel van januari 2003) geplaatst voor het vergrendelen van de luiken aan de onderzijde van het model. De bekende cockpit vergrendeling uit messing vond ik te zwaar, dus, als onbevredigende oplossing, eerst maar plakband toepassen! Nadat het artikel al aan de redactie van Mba was verzonden vond ik een oplossing die eenvoudig licht en goedkoop was. Dit is zeker vaker bedacht was mijn idee, dus liet ik het er maar bij. Toen ik echter in Modelbouw actueel van maart 2003 in het artikel van C. van Beek over de bouw van de Graupner Tipsy las dat de cockpit bevestiging was uitgevoerd met een (ontsierend) elastiek om cockpit en romp, dacht ik dat het tijd was geworden om mijn oplossing toch maar aan Mba te zenden.
Nadat de lijmverbinding van de buitenkabel uit uitgehard wordt met een Dremel slijpschijfje voorzichtig een scheiding gemaakt tussen romp en luik/cockpit. De binnenkabel-met-speld kan er nu van de zijde van de klittenband in worden geschoven. De klittenband houdt de speldeknop op zijn plaats en er is een perfecte vergrendeling aangebracht (zie foto). Het gewicht bedraagt slechts een paar gram en dus uitermate geschikt voor de lichte styropor modellen. In het voorbeeld is de vergrendeling aan de vlakke buitenzijde aangebracht, maar bij een gebogen vorm, zoals bij een cockpitkap kan het echter ook mooi in kap en romp worden verwerkt. Zoals gebruikelijk kent iedere oplossing weer minstens één nieuw probleem. Voor het verlijmen van de bowdenkabel op de romp heb ik twee componenten epoxylijm toegepast. Om een stevige verbinding te krijgen heb ik de stukjes buitenkabel op een houten steunlijstje gelijmd. Toch bleek dat bij wat harde landingen de lijmverbinding tussen buitenkabel en epoxy gemakkelijk los liet. Ik heb hiervoor nog niet de perfecte lijm kunnen vinden. Een lijmadvies is hier dus welkom! Servo bevestiging plat in de vleugel
Servo bevestiging door de vleugel.
Blind lijmen van grote onderdelen met contactlijm of secondenlijm Bij het lijmen van grote vlakken met contactlijm of secondenlijm is het een probleem om de twee onderdelen in één keer naadloos op elkaar te drukken. Dit probleem kan goed worden opgelost door, voordat de lijm wordt aangebracht de twee helften op strategische punten van geleide pennen te voorzien. Gewone cocktailprikkers zijn hiervoor al geschikt. Ga als volgt te werk:
Folie verwijderen met de soldeerbout Bij vele ARF Het wegsnijden is natuurlijk een mogelijkheid, maar het gevolg is dat de randen van de bespanning dan loslaten. Een betere oplossing is om de folie met de soldeerbout weg te smelten. Dit lijkt een riskante aanpak, doch met enige voorzichtigheid levert dit het beste resultaat op. De folie die wordt weggebrand plakt namelijk direct weer op de ondergrond en blijft ook zitten.
![]() Smalle wieltjes, bijvoorbeeld van dun triplex kunnen aan de binnen en buitenzijde vergrendeld worden met een paar tegelkruisjes. Eenvodig en handig soldeerhulpje
Wie kent het niet: je moet twee dunne draadjes aan elkaar solderen of een klein stekkertje aan een dun draadje. Alles is te klein voor de te grote vingers en deze trillen ook nog een beetje. Om goed te kunnen solderen moet alles rustig zijn, dan kan de tin goed vloeien en ontstaat er een goed elektrisch geleidende verbinding die niet gemakkelijk afbreekt. |
![]() |
||||||||||||
|
adverteren | contact | © 2007 |
|||||||||||||
