|
|
De kit.
Carson biedt de Sea Hawk aan als een volledig pakket met naast de compleet geïnstalleerde heli, de vierkanaals 2,4 GHz zender, 1000 mAh 7,4 V LiPo, lader en een set reserve rotorbladen . Alles keurig verpakt in een handzame doos met daarin de gebruiksaanwijzing in vijf talen, maar zoals gebruikelijk niet in het Nederlands. Wat is het dan toch goed dat er een MBa bestaat die heel wat informatie, meer dan in de gebruiksaanwijzing, kan geven over de werking en hoe je het model het beste kunt gebruiken. Het enige dat in de kit ontbreekt zijn de acht AA penlights (batterijen of accu’s) voor de zender. Indien accu’s worden gebruikt kunnen deze via een laadstekker achter op de zender worden opgeladen.
 |
 |
|
De Carson Sea Hawk V.6 kit. A: doos met een de achterzijde gebruiksinstructies, B: gebruiksaanwijzing, C: 2,4 GHz zender, D: V.6 model Sea Hawk, E: 150-230 > 12 V adapter, F: lader, G: accu, H: koppelsnoertje, I: reserve rotorbladen.
|
Alle ingebouwde onderdelen zijn bevestigd aan een kunststof frame. Hieraan zij de motoren, servo’s en het ontvanger/regelaar/gyro setje gemonteerd (Foto 3). De bekleding bestaat uit bedrukt Lexan en wordt met vier schroefjes vastgezet. Hierdoor is het op eenvoudige wijze mogelijk om van model, er bestaan op dit frame drie uitvoeringen, te veranderen.
Het front van de zender heeft de twee kruisknuppels met op elke functie een trimschuif en een viertal omkeer schakelaars. De zender is fabrieksmatig gebonden met de ontvanger in de heli, maar kan ook via een meegeleverd koppelsnoertje, met een andere ontvanger worden gebonden. Een gyro voor stabilisatie is gekoppeld dan wel ingebouwd in de ontvanger.
De accu kan worden opgeladen met de meegeleverde “Lipo Balance Lader” die de accu laadt via de balanceer aansluitingen. Drie ledjes op de lader geven de laadconditie weer. De lader kan zowel met de meegeleverde adapter op 230 V worden aangesloten als op een 12 V bron.
De besturing.
“Na het plaatsen van de acht penlights en het laden van de LiPo is het model vliegklaar en kunt u zich direct een helikopterpiloot voelen”; althans zo luidt de tekst in de gebruiksaanwijzing. Inderdaad de Sea Hawk is een handzaam modelletje waar je de indruk van krijgt dat je er zo mee weg kunt vliegen. Ja, een indruk misschien wel, maar er mee vliegen is een ander verhaal.
Iedere modelvlieger weet dat elk model eerst goed uitgebalanceerd en afgesteld moet worden en dat er daarna nog een aantal proefjes nodig zijn om dit te testen er vertrouwd mee te kunnen vliegen. Bij dit soort modellen is dat zeker niet anders. Bij deze RTF modellen zijn er twee mogelijkheden om te balanceren, de rotorbladen en de plaats van de accu. Deze nastellingen zijn echter beperkt. Verder blijft er nog een controle over van de verschillende stuurfuncties. Deze handelingen staan goed in de handleiding beschreven, maar voor de niet ingewijde aankomende helipiloot toch nog die toelichting in het Nederlands.
Om de besturing van de heli wat te verduidelijken eerst iets over de functie van de twee rotoren. Hoewel op het eerste gezicht niet zal opvallen, zijn de rotorbladen onder en boven verschillend voor wat betreft de montage. De A-bladen zijn de onderste en draaien rechtsom en de bovenste zijn de B-bladen en deze draaien linksom. De rotors hebben elk een eigen elektromotor waarvan de toerentallen onafhankelijk van elkaar geregeld kunnen worden. De bovenste rotor wordt niet gestuurd, maar het heeft wel een stabilisatie bar. Dit is het stangetje met aan beide einden een gewichtje dat boven op de rotor zit, mee draait en scharnierend verbonden is met de rotorbladen. Deze bar heeft als functie om ze in een vooraf fabrieksmatig ingestelde stand te houden. Door zijn centrifugaal werking zal hij de bewegingen van de heli vertraagd volgen en daardoor de bladen “bijsturen”. Hierbij verstelt hij de rotorbladen zodanig dat hij deze bewegingen tegenwerkt. Het is dus een eenvoudig, maar zeer nuttig onderdeel. Bij een kiepbeweging voorover staan de rotorbladen in dezelfde hoek als de romp. De flybar blijft , ten gevolge van de centrifugaal werking eerst horizontaal staan .
 |
|
Op deze foto wordt de functie van de flybar duidelijk zichtbaar. Direct nadat de heli voorover is geknikt voor de voorwaartse beweging staat de flybar nog even horizontaal en remt daardoor een te forse reactie door het blad dat voor staat een grotere invalshoek (zie: www.funfly.nl ) te geven dan het achterstaande blad. Met een vertraging van een fractie van een seconde zal ook de flybar mee gaan naar de gekantelde positie en komen de roterende delen weer parallel te staan. De werking berust dus op een mechanisch gyroscopisch effect.
|
Hierdoor wordt de instelhoek van het voorstaande rotorblad (duidelijk zichtbaar) vergroot en het achterstaande rotorblad (nauwelijks zichtbaar) verkleind. De opwaartse kracht van het voorste blad wordt daardoor groter en het achterste kleiner. Dit levert een tegenwerkende koppel op waardoor de heli weer in zijn horizontale positie wordt gedrukt.
De onderste rotor is instelbaar via een systeem van twee over elkaar heen draaiende kantelschijven die onder een hoek van 90° verbonden zijn met twee servo’s in het frame. De onderste staat dus vast en de bovenste draait mee met het onderste rotorblad. De servo’s zijn in een elevon (voor uitleg zie: www.funfly.nl) verbinding gekoppeld. Hierdoor kunnen de rotorbladen cyclisch worden versteld. De instelhoek, dit is de hoek waaronder de luchtstroom het rotorblad raakt, van elk blad afhankelijk is van de positie waarin het zich op de draaicirkel bevind en verandert tijdens het draaien voortdurend. Met de verandering van de stand verandert ook de lift die door het blad wordt opgewekt. Daardoor kan een zijwaarts staand blad links een grotere lift hebben dan het rechtsstaande blad. Dit geeft een koppel op de centrale as en verandering van stand van de romp. Om, bijvoorbeeld, een achterwaartse beweging mogelijk te maken wordt de schijf iets gekanteld, bijvoorbeeld van voren af gezien links hoog/rechts laag waardoor het blad dat achter staat een kleinere invalshoek krijgt en de voorste een grotere. Hierdoor ontstaat een met de klok mee draaiend koppel op de centrale aandrijfas. De heli wordt hierdoor iets achterover gekanteld waardoor er een krachtcomponent van de rotorbladen in achterwaartse richting ontstaat en de heli gaat achteruit. Voor de voorwaartse beweging vindt uiteraard het omgekeerde plaats door de schijf naar de andere kant te laten kantelen.
 |
 |
|
De rotorkop met zijn draaischijven of wobbelplaten is een vernuftig systeem. Door een slimme aansturing van de platen kan een helicopter in alle richtingen worden bestuurd. In grote lijnen is dit systeem gelijk bij alle helicopters, maar in detail zijn er verschillen die vaak niet opvallend zijn, maar wel verschil maken in de besturingsmogelijkheden van de heli.
|
Voor de zijwaartse beweging wordt de schijf voorover of achterover gekanteld. Het ene zijwaarts staande blad krijgt dan een grotere invalshoek dan het andere waardoor een zijwaartse beweging mogelijk is. Door de elevon besturing is een eindeloze combinatie en variatie van standen mogelijk en kan de heli in alle richtingen worden gestuurd.
Opgemerkt moet worden dat bij andere modellen de constructie anders kan zijn, maar het principe van besturing door een cyclische verstelling blijft hetzelfde.
Het zijn allemaal kleine bewegingen en krachtverschillen, maar als je bedenkt dat een heli balanceert als op de punt van een naald wordt het duidelijk dat voor richtingsveranderingen ook maar kleine krachtsveranderingen nodig zijn.
Opm. : een gedetailleerde toelichting op de werking zou te veel zijn voor dit testartikel en daarom wordt hiervoor verwezen naar de literatuur, bijvoorbeeld: “Vliegen met de modelhelicopter”; Ad van Dongen, De Muiderkring 1995; ISBN 90 6082 387 7.
De stuurfuncties
Het bestuurbaar maken van een helikopter is nog een stuk ingewikkelder dan dat van een vliegtuig met vaste vleugels. De ontwikkeling is dan ook pas een halve eeuw later op gang gekomen. De van oorsprong Russische vliegtuigbouwer Igor Sikorsky is de grondlegger van de nog steeds toegepaste principes voor de besturing waarop ook dat van de modelheli’s is gebaseerd.
Een korte uiteenzetting van de stuurfuncties.
De pitch-functie of hoogte regeling. Door de stand of ‘’pitch’’ van de rotorbladen te wijzigen kan het stijgen en dalen worden geregeld. Het wordt toegepast bij heli’s met één rotorblad en wordt ‘’collectiv pitch’’ genoemd. Coaxiaal modellen als de Sea Hawk hebben dit niet en wordt het door een gelijktijdige toerentalverandering van beide rotorbladen geregeld. Dit geschiedt met de linker stuurknuppel (Mode 2) door deze naar voren of achteren te bewegen. Doe dit vooral rustig en hou hierbij de bewegingen van het model goed in de gaten, het plafond is snel te dichtbij! Deze knuppel is de enige die niet automatisch terug veert en bij het loslaten in zijn positie blijft hangen.
De tail-functie of rotatie om de verticale as. Met deze functie is het mogelijk om een draaiing te maken op de verticale as. Omdat de heli twee rotors heeft waarvan de ene linksom en de andere rechtsom draait worden de draaimomenten ten opzichte van elkaar opgeheven en vindt er geen draaiing om de verticale as plaats. Deze heli heeft daarom geen staartrotor nodig. Pas als de toerentallen van de rotors ten opzichte van elkaar een beetje gaan verschillen kan een rotatie plaats vinden. Deze functie wordt bedient door de linker knuppel naar rechts of links te bewegen. Met de beweging van de knuppel naar rechts gaat de het model naar rechts en omgekeerd.
De rol-functie of rotatie om de lengteas. De rol-functie is te vergelijken met de functie van rolroeren in een vast vleugel model en kantelt de heli om de langsas naar links of rechts. Hierdoor kan de heli zijwaarts worden bewogen. Het volgt het de bewegingsrichting van de knuppel.
De (k)nick-functieof rotatie om de dwarsas. De (k)nick-functie is te vergelijken met de functie van het hoogteroer bij een vaste vleugel model. Met de (k)nick-functie wordt de voorwaartse- of achterwaartse beweging geregeld.
Het vliegen.
In de gebruiksaanwijzing worden nog enkele aanwijzingen gegeven om de balans te controleren. Lees dit aandachtig en volg de aanwijzingen op.
Om te kunnen vliegen moeten eerst de acht AA penlights in de accuschacht van de zender worden aangebracht. Dit mogen batterijen of accu’s zijn. Let hierbij op de juiste polariteit, plus en min op de juiste plaats! De Carson 2,4 GHz zender is dan gereed en zoekt zelf een vrije zenderfrequentie. Sluit ook de vliegaccu aan nadat deze volledig is opgeladen. Omdat de ingebouwde ontvanger al op de zender is afgestemd hoeft deze niet meer gesynchroniseerd te worden. Na enkele seconden is een licht zoemetje hoorbaar en de besturing functioneert. Ook gaat binnenin een ledje oplichten, maar dat is nauwelijks zichtbaar. De heli is nu vlieggereed en kunnen de eerste vliegoefeningen beginnen. Zorg voor een voldoende vrije ruimte met een straal van minstens 3 meter rondom de heli en een hoogte van minimaal 2,5m. Alles wat hoger is krijgt de voorkeur.
 |
 |
|
De aandrijvings-en besturingscomponenten zijn op eenvoudige wijze ingebouwd. Linker foto de ontvanger, regelaar en gyro. Rechte één van de electromotoren voor de aandrijving. De servo's zijn hierachter verborgen.
|
Ga aan de achterkant van de heli staan en schuif de gashendel iets naar voren. De rotorbladen beginnen te draaien en gaan door de centrifugaal werking in elkaars verlengde staan. Indien de bladen goed uitgebalanceerd zijn zal de heli met slecht geringe trillingen op de grond blijven staan. Als dit niet het geval is moet de balans worden hersteld volgens de aanwijzingen in het gebruiksvoorschrift.
Nu komt meteen het moeilijkste deel van het vliegen: loskomen van de grond en hoveren. Dit is het zo stil mogelijk in de lucht laten hangen van het model. Met de linker knuppel wordt het toerental geleidelijk verhoogd tot het wil gaan zweven. Controleer nu of het een bepaalde kant op wil gaan en corrigeer dit met de trimschuiven totdat het stil blijft staan. Als dit is gelukt dat wordt ‘’gas’’ bij gegeven. Wordt dit ook geleidelijk gedaan dan is de neiging aanwezig om, ten gevolge van het grondeffect, te kantelen. De dosering hiervan vraagt enige oefening en gevoel voor de bewegingen en de reacties. Bij de start mag/moet dit dus even wat forser gaan om het model even los te krijgen van de vloer. Bij een te langzaam opvoeren van het toerental ondervind het te veel effect van de z.g. “douwnwash”. Dit is de neerwaartse luchtstroom onder de rotor die het model gemakkelijk uit zijn evenwicht kan brengen en het naar de zijkant laat omvallen. Het is dus de kunst en ervaring om dit goed te doseren. Als het model zo ongeveer dertig centimeter van de grond is is het effect verdwenen en kan rustig gestabiliseerd worden om de gaan hoveren, d.w.z. op een zekere hoogte te blijven hangen. De stuurknuppel zal hierbij zo ongeveer in de middenstand staan. Daarna kunnen de andere functies worden uitgeprobeerd.
En als je los bent van de grond dan is het de kunst om de heli in balans te houden. Dit vraagt kleineknuppelbewegingen en tijdig tegensturen zodra de beweging in gang is gezet. Als dit is gelukt komt de volgende grote uitdaging: het landen! Ook hier moeten de knuppelbewegingen weer goed gedoseerd worden en neem niet abrupt het “gas”terug. Vlak boven de grond is hier ook weer het grondeffect merkbaar en heeft de heli de neiging om zijwaarts te driften en bij aanraking van de grond te kantelen. Kleine correcties worden uitgevoerd met de trimschuiven.
 |
 |
|
Bij het leren vliegen worden fouten gemaakt. Eén van de fouten is het te abrupt sluiten van het "gas". Het model komt dan te hard met de vloer in aanraking en er ontstaat schade. De Seahawk is, naar het model van de grote broer, uitgerust met wieltjes en deze hebben dan wel erg veel te verduren. Ze kunne hierdoor afbreken. Om eventuele schade zo veel als mogelijk te beperken kunnen een paar stootkussentjes van piepschuim worden aangebracht.In de tekst staat hoe schade kan worden verholpen.
|
Het zal duidelijk zijn dat het aanleren van de stuureffecten en het op de juiste wijze reageren daarop niet uit een boekje, noch aan de hand van dit artikel, geleerd kan worden, maar eenvoudigweg oefening vraagt. Een goede coach ter ondersteuning is hier goud waard. Ook ervaren helipiloten moeten eerst aan een model wennen! Het vliegen met de heli is verder een zaak van oefenen, oefenen en nog eens oefenen.
Door al die oefeningen en mislukte pogingen krijgt de heli heel wat te verduren, met name het onderstel. Gelukkig is gebleken dat de Sea Hawk robuust is en dit geldt vooral voor de centrale aandrijfas. Na heel wat mislukte starts en landingen had deze geen schade opgelopen. Wel is gebleken dat het onderstel het bij harde landingen schade kan oplopen en dat het rechtstaande pootje kan breken. Dit kan echter gemakkelijk worden gerepareerd of voorkomen door hierover een krimpkousje te zetten. Om in de aanloopperiode de schade te beperken kan nog een piepschuim kussen aangebracht, bestaande uit een blokje tussen het onderstel en daarboven een blokje aan de binnenzijde, tussen de kap en het frame(Foto 3). Verder is de neus nogal kwetsbaar en het advies is dan ook om deze op voorhand met tape te verstevigen, want wie zijn neus schendt, schendt zijn aangezicht, en dat geldt ook voor deze heli. Het kan ook als vervangend onderdeel worden aangeschaft (deze staan genummerd in de handleiding).
De Sea Hawk is, hoewel het wordt verkocht als een indoormodel, zowel binnen als buiten gebruikt. Hierbij bleek dat het bij weinig wind (windkracht 1 tot 2) nog goed in de hand te houden is (Foto 9). Daarboven wordt het heel erg lastig, let daarbij op windvlagen.
De belangstelling bij kinderen voor dit soort modellen is erg groot. En zo ook bij de kleinzoon van vijf. “Ik wil ook vliegen opa’’, was dan al snel de reactie. Nou, dat kan, zie foto! Hij voelde zich inderdaad al snel die helikopterpiloot. De jeugd heeft de toekomst, en dat geldt zeker voor de modelbouw .
Stripverhaal.
Conclusie.
De Carson Sea Hawk V.6 is zeker geen topklasse heli, maar ook geen speelgoed. Het is een model waarmee een eerste of vervolgstappen gezet kunnen worden om door te starten naar het “echte”heli vliegen. Aan de kit, die op de acht AA penlights na compleet is, hangt een alleszins acceptabel prijskaartje. Het is een model waarmee de stuurfuncties en de werking van de cyclische verstelling van de rotorbladen bestudeerd en beoefend kunnen worden. Dit artikel geeft daarover in woord en beeld als aanvulling op de gebruiksaanwijzing, een nadere toelichting.
Leverancier
Carson-Modellsport; Werkstrasse 1; D-90765 Fürth (BRD); www.carson-modeldport.com .
Terug .....
|
|